blogs Archieven – Stichting Hoezo Anders

0

Als je de beste versie van jezelf wilt zijn, moet je jezelf steeds opnieuw (blijven) uitvinden. Lekker zweverig klinkt dat, hè? Maar het is wel zo, en het is iets wat ik heel fijn vind. Rond deze tijd van het jaar, als de herfst in volle glorie is en het ritme van school en stage ook weer op gang is gekomen, voel ik meestal dat ik mezelf een beetje opnieuw aan het uitvinden ben. Dat heeft dan te maken met twee dingen: het zoeken naar een nieuwe balans tussen al mijn bezigheden en een nieuwe school waar ik lesgeef en waar ik me weer verder kan ontwikkelen als docent.

Lastig jaar
Van tevoren wist ik dat dit schooljaar wel eens pittig zou kunnen worden. Ik zou me moeten gaan richten op het inhalen van vakken uit voorgaande jaren, waardoor ik geen vaste klas meer zou hebben. Daarnaast zou ik beginnen op een nieuwe stageschool, en tijdens deze stage zou ik moeten gaan uitzoeken in hoeverre mijn gehoorprobleem en visuele beperking me belemmeren tijdens het lesgeven. O ja, en ik zou ook nog eens twee ochtenden stage moeten gaan lopen in plaats van één. Zie dan nog maar eens een goede balans te vinden.

Een nieuw begin
Maar tot zover gaat het wel heel goed! En dat komt doordat ik door zo’n nieuw begin altijd een hele hoop over mezelf leer, dingen die ik gretig gebruik om aan mezelf te werken. Ik heb ontdekt dat het met een druk rooster onwijs belangrijk is om naar mijn lichaam te luisteren, rust te nemen en dingen te doen omdat ik ze wil doen. Ik heb ontdekt dat een minimumhoeveelheid huiswerk maken helemaal niet erg is. En op stage leer ik onwijs veel over wat wel en niet werkt, maar ook over wat ik kan, waar ik goed in ben, waar ik nog aan zou kunnen werken en waar nog mogelijkheden liggen. Ik probeer dingen uit, ik experimenteer, ik doe dingen die niet zo goed gaan en ik doe dingen die wél goed gaan. Ik leer welke dingen ik vanuit een ander perspectief zou kunnen bekijken en met welke dingen ik simpelweg moet leren dealen. Ik krijg alle ruimte om te leren en mezelf te ontplooien en daardoor groeit mijn zelfvertrouwen ook weer enorm, en dat is zo ontzettend fijn!

Het kan altijd
Weet je wat het voornaamste is wat ik heb geleerd? Soms heb je een nieuw begin nodig. Vorig jaar ging mijn stage niet zo geweldig, en daardoor liep mijn zelfvertrouwen een deuk op – en dat had weer invloed op mijn capaciteiten. Nu weet ik dat je altijd opnieuw kunt beginnen, als je daar maar voor kiest. Een fris perspectief, frisse moed: sommige dingen moet je misschien opnieuw leren, maar dan zijn ze des te waardevoller. En waar het uiteindelijk om gaat? Dat je ernaar streeft de beste versie van jezelf te worden door jezelf steeds opnieuw uit te blijven vinden. Als je dan uiteindelijk op de toppen van je kunnen bent en je weet dat je er alles aan hebt gedaan, dan hoef je jezelf nooit iets te verwijten. En ook dan is het nooit te laat om opnieuw te beginnen.

Al twee jaar ben ik bezig met een nieuw begin. Eerst de behandeling voor mijn conversiestoornis, toen beginnen met werken, beginnen met sporten. Allemaal dingen die een nieuw begin betekenden. En toch ga ik nu weer starten met een nieuw begin.

Ik heb een meervoudig en complex trauma. In therapie wilden we dat met EMDR gaan aanpakken. Dat had niet het gewenste effect, dus we gaan opnieuw beginnen. Ik heb nog dagelijks last van mijn verleden, dus het is niet zo gek dat we dat met EMDR probeerden op te lossen. Alleen ben ik achteruit gegaan, waardoor mijn therapeut ging twijfelen. Hij wil een nieuwe aanpak.

Heden
Het verleden kan niet meer veranderd worden. Hij gaat er nu ook niet vanuit dat mijn heden beter wordt als we over het verleden blijven praten. Tijd om aan de slag te gaan met het heden dus. Waar heb ik nu last van en hoe beïnvloedt mij dat? De oorzaak ligt waarschijnlijk in het verleden, maar door mijn huidige gedachtes en gedrag aan te pakken komen we waarschijnlijk verder.

G-schema’s
Ik beperk mijzelf met mijn eigen gedachtes. Ik ben ervan overtuigd dat ik niets kan, dat niets goed genoeg is, dat mensen mij niet aardig vinden. Mijn perfectionisme en faalangst maken het pakket af. Rationeel gezien weet ik dat het nergens op slaat, maar toch komen de gevoelens en gedachten meerdere keren per dag terug. G-schema’s moeten hier meer inzicht in geven en helpen om dit langzaamaan te veranderen.

De toekomst
Ik ben bang voor de toekomst. Bang dat mijn conversiestoornis terugkomt. Bang dat ik weer compleet instort. Bang dat ik niet mijn dromen kan realiseren of niet meer kan functioneren. Daarom vind ik dit nieuwe begin eng. Wie zegt dat dit wel gaat werken? Ik wil alles proberen, maar dat maakt het niet minder eng.

Een nieuw begin
Hoewel het eng is, biedt een nieuwe behandeling ook perspectief. De vorige aanpak werkte niet, maar misschien gaan de G-schema’s en focus op het heden wel helpen. En als het werkt, heb ik echt een nieuw begin. Een nieuwe kans om verder te gaan met mijn leven. Om nieuwe dingen te doen die ik nu niet durf. Om een leven te leiden waarin ik het mezelf niet zo moeilijk maak. Ja een nieuw begin zou fijn zijn. Dus daar gaan we nu eerst keihard voor werken!

En dan word je getroffen door een enorme klap. Jouw leven blijft plots stil staan. Felle aanhoudende pijn bepaalt je dagen en drijft jouw mentale kracht tot een uiterste inspanning. De doelen die je voor ogen had voor de komende jaren zijn in één keer volkomen onmogelijk geworden. Datgene wat je graag doet raak je kwijt, prognoses worden bijgesteld en je moet zien te dealen met de plotselinge sterke achteruitgang.

Ineens wordt het de zoektocht naar jezelf, het leren accepteren dat een bepaalde weg soms niet de juiste is. Alle verdriet en pijn van de afgelopen periode komen bovendrijven en je begrijpt niet waarom jij altijd diegene moet zijn die verschillende tegenslagen moet zien te accepteren en jezelf sterker moet maken.

Een ander pad
En dan besef ik het. Misschien is dit de manier dat het leven mij probeert te vertellen dat het tijd is om een ander pad in te slaan. Stort je wereld in, dan komt er ruimte waarin nieuwe dingen kunnen ontstaan. Je kunt wel proberen om overal tegenin te gaan, maar uiteindelijk kom je verder als je jezelf af en toe laat meedrijven met de stroming. De juiste beslissing voelt niet altijd gelijk goed. Daarom is het zo ontzettend belangrijk om dingen in het leven te leren accepteren. Ik was altijd gewend tekenen te negeren en door te gaan, maar uiteindelijk heb ik dan alleen mezelf.

Acceptatie is geen makkelijk proces, ik moet daarin nog zoveel leren. Eén van de bouwstenen van het proces is het stellen van nieuwe doelen met hoe je nu bent. Vooruitkijken, nieuwe plannen maken, zo kun je zorgen dat je zelf in ontwikkeling blijft. Dat helpt om de achteruitgang in jezelf te leren accepteren.

Wat gaat de toekomst brengen
Er gaat voor mij geen dag voorbij zonder dat ik merk wat ik de afgelopen maanden allemaal heb moeten inleveren. Daar komt veel frustratie, boosheid en verdriet bij kijken, maar even daarna kijk ik naar wat de toekomst misschien wel gaat brengen. Waar ik een half jaar geleden zou zeggen dat ik niet meer verder hoefde, kijk ik nu met een heel fijn gevoel naar de toekomst. Na een opleiding die niet liep, ben ik begin september met een nieuwe studie begonnen. Een stageplek waar ik mezelf mag zijn, me zo op mijn gemak voel en gewaardeerd wordt, valt samen met een nieuwe studie in een klas vol diversiteit waar men mij accepteert zoals ik ben en echt iedere student gemotiveerd en serieus met haar studie bezig is.

Er zijn doorbraken in mijn therapieën, onder andere door de equitherapie. Dit is therapie met behulp van paarden. Ik ben altijd een gesloten boek, maar paarden zijn zo bijzonder. Ze zijn de weerspiegeling van je ziel, zonder woorden laten ze zien wat jij mensen niet kunt vertellen. Daarnaast ben ik bezig met mijn toekomstplannen; ik word immers in januari 21, dus ben ik bezig met het verzamelen van allerlei leuke spulletjes om binnen één à twee jaar op mezelf te gaan wonen in mijn eigen appartementje.

Waar je nu staat in het leven is het resultaat van keuzes en beslissingen die je in het verleden hebt gemaakt. Waar je wilt komen is simpel te beïnvloeden door keuzes en beslissingen die je in de toekomst kan maken. Wees dus niet bang als je een keer een verkeerde keuze maakt en gaat voor een nieuwe frisse start. Weet dat je er altijd sterker uitkomt!

Sporten is nooit mijn ding geweest. Ik was kampioen gym vermijden en verder deed ik alleen aan ballet. Toen ik op mijn zestiende veel klachten kreeg en uiteindelijk samen met mijn diagnose te horen kreeg dat ik moest stoppen met dansen, was mijn sportcarrière voorbij. Tot ik van mijn fysiotherapeut naar de sportschool moest.

In het begin vond ik het niet leuk om naar de sportschool te gaan. Later merkte ik dat het wel fijn voelde én dat mijn belastbaarheid omhoog ging. Dat was het hele doel. Goed dus! Maar toen startte ik een intensieve behandeling en was ik te moe. Ik ging vaker niet dan wel naar de sportschool en dat vond ik zonde van mijn geld. Daarom schreef ik mij uit met het voornemen dat ik na de behandeling weer zou starten. Dat is inmiddels negen maanden geleden…

Bang
Na de behandeling begon ik met werken, dus gebruikte ik dat als excuus. Daarna had ik veel pijn en werd dat het excuus. Ik redde het prima met mijn eigen smoesjes tot mijn fysiotherapeut zei dat ik echt weer moest gaan sporten. Het ging bergafwaarts en niet sporten was geen optie meer. En toen realiseerde ik mij dat ik al tien maanden smoesjes bedacht om niet toe te hoeven geven dat ik bang was.

Bang om te sporten, wie is dat nou? Wat is er nou eng aan sporten? Ik vond het belachelijk van mezelf. Toch is dat iets waar ik al twee maanden mee worstel. Ik moet weer sporten, dat wil ik ook omdat ik weet dat het goed voor me is, maar het is heel moeilijk. Nadat ik anderhalf jaar geleden stopte met sporten, merkte ik namelijk steeds vaker dat bewegen zorgde voor pijn of zelfs voor scheve gewrichten. Onbewust heb ik de conclusie getrokken dat bewegen daardoor niet goed is. Dat iedere keer als ik beweeg ik meer klachten krijg.

Een gevecht
Rationeel gezien weet ik dat dat niet zo is. Ik weet ook dat dit een periode is waar ik doorheen moet. Helaas is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan. Mijn voornemen om weer wekelijks naar de sportschool te gaan, komt nog niet echt van de grond. Ik heb weer veel pijn, waardoor lopen al een uitdaging is. Laat staan sporten. En toch moet het. Dus op de dagen dat ik  mij iets beter voel ga ik weer naar de sportschool. Ik probeer mijn fysiotherapeut trots te maken.

Naast mijn angst voor de pijn en terugval ben ik ook heel veeleisend. Een lastige combinatie. Ik vind het namelijk moeilijk te accepteren dat ik met het lichtste gewicht moet trainen. Ik ben dan geneigd om meer te doen dan mijn lijf aankan, waardoor ik inderdaad meer klachten krijg. Zo houd ik mijn bewegingsangst in stand. Dus het is nu iedere keer weer een gevecht. Eerst vechten tegen mijn angst en onzekerheid om toch naar de sportschool te gaan en daarna vechten tegen de hoge eisen van de perfectionist in mij om binnen mijn grenzen te blijven.

Niet sporten is geen optie meer. Dus ik moet blijven doorzetten. Ik moet blijven vechten om weer het vertrouwen in mijn lichaam terug te vinden, zodat ik uiteindelijk weer vooruit kan gaan.

Bij de meeste chronische ziekten wordt bewegen moeilijker. Je moet vaak een hoop aanpassen als je toch wil blijven bewegen. Bij ME wordt het nog een stukje lastiger. De symptomen van ME verergeren bij lichte inspanning en teveel bewegen kan er voor zorgen dat je voor langere tijd bedlegerig wordt. Dat maakt heftig sporten onmogelijk, maar zelfs soms een stukje wandelen ook.

Helaas wordt ME nog steeds hetzelfde gezien als chronische vermoeidheid, en daarmee krijgen wij ook dezelfde behandelingen; positief denken, rustig opbouwen en vooral blijven bewegen. Ik vind het altijd heel moeilijk wanneer iemand me, vol goede bedoelingen, aanraadt om meer te gaan bewegen. Het is namelijk niet zo dat ik me daar niet in kan vinden. Het menselijk lichaam is niet bedoeld om alleen maar te zitten of liggen. Actief zijn is fijn en gezond.

Ziek van fitness
Ik houd van sporten. Niet zozeer van teamsport, maar ik hou van wandelen en van zwemmen. Fitness heb ik een tijdje met veel plezier gedaan en ik vind krachttraining leuk om te doen. Helaas werd ik ontzettend ziek van fitness. Destijds wist ik nog niet dat ik ME had en geloofde ik iedereen die tegen me zei: ‘beweging zal je goed doen!’

Slakkentempo
Het is ontzettend frustrerend om iedere keer uit te leggen waarom bewegen zo lastig en zelfs gevaarlijk is voor mij. Nog pijnlijker is dat ik het zelf zo graag anders wil zien en het toch weer probeer, om vervolgens hartstikke ziek te worden en weer van voor af aan te moeten beginnen. Alles wat ik heb opgebouwd met wandelen kan in één keer weggevaagd worden. Door een verkoudheid, door een verergering van pijn of gewoon omdat mijn lichaam het ineens niet meer trekt. Van het één op andere moment is alle opgebouwde conditie weg en moet ik het op slakkentempo omhoog proberen te krijgen.

Normale soort vermoeidheid
Ik zou me ontzettend graag willen uitleven in de sportschool. Regelmatig gaan zwemmen, of iedere dag een korte wandeling kunnen maken. Wat lijkt het me heerlijk om een berg te bewandelen en daarna een normale soort vermoeidheid te voelen. Yoga is de enige soort beweging die ik tot nu toe gevonden heb, die ik voor langere tijd volhoud. Dat komt omdat je het zo zwaar of licht mogelijk kunt maken als je zelf wil. Veel calorieën zal ik met mijn manier niet verbranden, maar dat geeft niks. Yoga leert me om weer naar mijn lichaam te luisteren zonder daar gefrustreerd van te worden. Ik ben zo gewend om mijn pijn en uitputting te negeren. Yoga geeft mij de ruimte en het geduld om ernaar te luisteren, en toch bepaalde ontspannende bewegingen te kunnen maken.

Ik hoop nog steeds dat ik in de toekomst meer zal kunnen vragen van mezelf. Ik wil graag ooit nog een wandeling kunnen maken van kilometers lang. Of een fietstocht kunnen doen, al is het maar vanaf mijn huis naar het strand. Ik wil weer graag de uitputting voelen van beweging – de normale soort, en het trotse gevoel van iets bereikt hebben met de kracht van je eigen lichaam.

Wie had gedacht dat je om goed te kunnen sporten en bewegen ook vaak goed moet kunnen zien? Als kind was ik altijd een beetje jaloers op mijn vriendinnetjes die elkaar na schooltijd zagen bij het handballen of baalde ik ervan dat ik bij het voetballen op straat nooit zo goed was als de anderen.

Ik had zwemles en probeerde paardrijden, maar dat waren niet de dingen die bij me pasten. Teamsporten, zo bleek al gauw, zaten er sowieso niet in. Intussen kan ik zwemmen, maar een vaste sport vinden, was toch wel erg lastig.

Zo af en toe nam mijn moeder mij wel eens mee naar de sportschool, want bewegen is goed voor je en ook erg leuk. Ik merkte daar dat het vinden van onbezette apparaten, het lezen van displays van loopbanden en het gebruik van kluisjes en dergelijke voor mij toch wel erg lastig waren. Alleen naar een sportschool gaan zat er dus niet in en erg gezellig vind ik het ook niet.

Een hele uitdaging
Hoewel ik vooral op zoek ben naar manieren om in beweging te blijven, heb ik ook gemerkt dat het fijn is om me in de buitenlucht te begeven. Het is in principe voldoende om een half uur per dag te bewegen en met dat in mijn hoofd, wandel ik.

Door Amsterdam lopen is nog een hele uitdaging, omdat er veel mensen en obstakels zijn en hoe prettig ik het ook vind om ’s morgens een half uur naar school te lopen, vraagt dat toch best veel energie, omdat ik meer bezig ben met mezelf in veiligheid brengen dan met het bewegen en genieten van mijn omgeving.

Out of the box
Zo verliep mijn zoektocht tot deze lente. Ik heb meerdere dingen geprobeerd, maar het is het allemaal niet geworden. Tot ik een internetfilmpje tegenkwam en wist dat, als ik naast gezond eten ook voldoende wilde bewegen om zo lang en gezond te leven, out of the box moest denken. Naar aanleiding van het filmpje, kocht ik een hoepel.

Het mooie daaraan is dat ik de hoepel moet voelen en niets hoef te kunnen zien om hem rond mijn lichaam te bewegen. Ergens doet het me ook denken aan mijn kindertijd (wat klink ik nu oud, ha!) en het is ook niet moeilijk. Ik hoef niet bang te zijn dat ik teveel energie verbruik met de visuele aspecten van sport en het kost me ook nog eens niks, behalve de eenmalige aanschaf van een hoelahoep. Helaas heb ik daar geen leuke foto van, want hoepels draaien te snel voor een camera.

Op deze manier is mijn zoektocht naar een passende manier van bewegen eigenlijk ten einde gekomen. Nu hoepel ik in mijn eigen tijd, zowel binnen als in het park. Of het ook werkelijk zijn vruchten heeft afgeworpen, weet ik niet, maar ik vind het belangrijker om gezond te zijn dan om een sixpack te hebben; dat zie ik immers toch niet 😉

Sport en beweging was voor mij in eerste instantie de key om kracht in mijn benen te ontwikkelen en uiteindelijk te kunnen lopen. Momenteel beheerst mijn sport een belangrijk deel van mijn leven. Ik train veel momenteel. Niet altijd omdat ik dat zo leuk vind, maar omdat ik talent heb en topsportschema’s heb. Of ik die schema’s blijf houden de komende jaren, dat weet ik niet. ik wil nu voornamelijk het plezier wat ik eraan beleef behouden. Mijn sportleven begon vanaf mijn 6e met therapeutisch paardrijden, maar ik moest daar op een gegeven moment mee stoppen, omdat mijn rug begon op te spelen.

Aangepast wielrennen
Uiteindelijk ontdekte ik het aangepast wielrennen en op een paralympische talentdag, bleek ik talent te hebben en werd ik in het talentprogramma opgenomen. Sindsdien ben ik mezelf continue aan het verbeteren en harder aan het trainen. Uitdagingen blijven er zeker komen, omdat ik in een zeer sterk deelnemersveld rijd en ik gewoon nog niet zo sterk ben. Momenteel train ik zo’n zes keer per week met veel verschillende trainingen, onder andere sprinttrainingen, duurtrainingen, krachttrainingen en techniektrainingen.

Uitdagingenimage_00013-e1466597572290-344x280-9899398
Mijn sportleven draait wel om sportieve uitdagingen. Sportieve uitdagingen helpen mij ook enorm in mijn mentale verwerking. Sport is mijn uitlaatklep.Toen mijn moeder overleed, heb ik besloten om de Alpe d’HuZes dit jaar te gaan fietsen. Bij mij werkt het om doelen te stellen. Zo wist ik in oktober 2015 dat ik de Alpe d’HuZes ging fietsen. Alpe d’HuZes heeft 1 missie: zoveel mogelijk geld inzamelen voor de strijd tegen kanker, om te zorgen dat kanker uiteindelijk chronisch wordt. Kanker is bij ons zo dichtbij en dat was dan ook een van mijn drijfveren. Afgelopen maandag was het drie jaar geleden dat mijn opa overleed aan botkanker en mijn oma heeft non-Hodgkin. Het is de harde waarheid dat 1 op de 2 mannen en 1 op de 3 vrouwen kanker zullen krijgen. Het is een van de redenen waarom ik graag mee wilde rijden.

Onder de indruk
Na een aantal geldinzamelingsacties en natuurlijk genoeg trainen, was 28 mei onze vertrekdag. Op weg naar de Alpe, wat voor zoveel Nederlanders hun tweede thuis is. Toen we ‘s middags aan de voet van de berg kwamen en met de auto naar boven reden, schrok ik enorm. Wat was die berg stijl! Hoe zou ik die ooit op kunnen fietsen? Onder de indruk begon ik aan de eerste dagen op de Alpe. En daar kwam de maandag, de dag dat we even de berg gingen voelen. Een rondje van 3 kilometer waarbij we een paar kilometer daalden en een aantal bochten omhoog klommen. Dat voelde goed! De benen waren klaar voor de koersdag.

Toen brak de koersdonderdag aan. Om 3:00 uur daalden we van de top van de Alpe d’Huez langs alle kaarsen af naar het dorpje Bourg d’Oisans om te starten. Vanwege mijn beperking mocht ik op de eerste rij, achter de motards, starten. Daarnaast had ik iemand naast mijn zijde nodig om mij te helpen met uitklikken, drinken en stoppen op minder steilere stukken. Om 4:28 uur gingen we van start en zo rond 6:30 uur waren we voor de eerste keer boven. In totaal zijn we 3 keer omhoog geklommen. Best knap als je voornamelijk alleen je linkerbeen gebruikt.

Ik heb erg genoten van deze uitdaging. Als mijn gezondheid het toe laat, zal ik in 2017 zeker weer mee doen! Wil je meer weten over mijn week, bekijk dan mijn verhaal op mijn blog.

Opzwepende beats, een hard roepende instructrice, 17 kilo in mijn nek…daar gaan we dan! Twee keer in de week probeer ik naar Body Pump les te gaan. Een ‘barbell’ training, waarbij je oefeningen op muziek doet met behulp van een stang met gewichten, of losse gewichten. Ik doe het nu al een aantal maanden na een korte zoektocht welke sport bij mij zou passen. In een eerdere blog schreef ik dat ik sport altijd spannend heb gevonden.

Intense lessen
Met behulp van therapie ben ik toch weer wat meer gaan geloven dat het wel meevalt met mijn ‘achterlijkheid’ op sportgebied. Toch was de stap naar de sportschool groot, maar ik heb hem wel gezet. Ik begon met wat bokslessen, maar dat bleek toch te veel spanning geven. En ik kwam erachter dat ik vooral wil bewegen en niet zozeer een hele nieuwe sport met allerlei technieken wil leren. Uiteindelijk kwam ik bij Body Pump terecht en dat bevalt me nog steeds. Tja, of het nou de meest ideale sport is…niet direct. Het is een hele intense les, met superharde muziek: niet echt handig voor een hoogsensitief persoon. Toch vind ik het fijn, omdat de bewegingen voor mij goed te volgen zijn en het geeft heel veel voldoening!

Goede voorbereiding
Van tevoren heb ik veel sporten ‘gegoogeld’. Het scheelde dat er van veel sporten online filmpjes
zijn. Hierdoor kon ik mezelf alvast goed voorbereiden en zien of ik een bepaalde les zag zitten. Zo heb ik ook nog een andere les geprobeerd, maar die gaf me uiteindelijk ook te veel spanning. Het is niet makkelijk als je coördinatie niet zo sterk is en je in de war raakt van twee bewegingen tegelijk met armen en benen. Al denk ik ook wel ergens dat als ik me daar minder druk om zou maken, het al meer vanzelf zou gaan. Maar uiteindelijk ben ik nu toch maar bij Body Pump gebleven.

Ik wil plezier halen uit sport
Als ik bezig ben met sporten komt altijd mijn perfectionisme om de hoek kijken. Het is eigenlijk nooit goed genoeg en ik sta amper stil bij de ‘kleine’ succesjes die ik boek. In plaats van dat ik denk: wow, ik heb de stap naar de sportschool gezet, denk ik: ik zou die en die les ook moeten kunnen. Als ik vervolgens die les niet zie zitten, voel ik me weer tekortschieten. Ondertussen weet ik wel dat ik mezelf met die frustratie niet verder help. Als je perfectionisme ziekelijke trekjes heeft, is het gewoon nooit goed genoeg en zal je altijd ongelukkig blijven, omdat het altijd nóg beter kan. Dus ik doe nu gewoon mijn ding: ik ben lekker bezig en ik merk dat ik sterker word. Ik hoef geen topsporter te worden, ik wil plezier halen uit sport. Om die reden probeer ik tevreden te zijn met wat ik nu doe en mezelf eraan te blijven herinneren: ‘Ik wil sporten, omdat ik het fijn vind om in beweging te zijn!’

Foto: ook op vakantie ben ik graag in beweging, hier in een oase bij de Dode Zee, Israël. 

Door onze blogger Willemiek

Laatst las ik de herinneringen van mijn basisschool klasgenoten nog eens door. Ze noemden mij ‘sportief’ en zeiden ‘je kan goed gymmen’. Als ik terug denk aan die tijd en mijn vroegere ik zou omschrijven, zou ik vertellen dat ik een sportief meisje was. Ik deed aan zwemmen (van snorkelen tot synchroonzwemmen), strandwacht en korfbal. Ik vond het fijn om te doen waar ik goed in was en ik werd er altijd erg blij van.

Geen geschikte sport
Korfbal was ontzettend leuk, als meisje van 12 viel ik al in bij de teams waar de anderen 16 jaar waren. Ik was dus redelijk goed (dat kan ik nu zeggen, want ik kan het toch niet bewijzen). Er waren mensen van andere clubs die mij graag wilden hebben bij hun vereniging. Mijn droom was om in het eerste te spelen. In augustus 2012 (ongeveer 5 jaar na mijn eerste klacht) kreeg ik de diagnose jeugdreuma. Vanaf dat moment heeft mijn reumatoloog gezegd dat korfbal geen geschikte sport voor mij is. Je moet te veel draaien en springen. Er komt ook veel fysiek contact in voor (ook al is dit niet toegestaan). Dit is voor mij gevaarlijk, omdat ik extra blessuregevoelig ben door mijn reuma. In december ben ik gestopt. Het was een hele nare periode. Ik heb een revalidatietraject gevolgd waarin ik doelen voor mezelf moest opstellen. Ik vond dat ik na een half jaar weer kon korfballen. Helaas is me dat niet gelukt.

Korfbal weer oppakken
Twee jaar later heb ik geprobeerd het weer op te pakken. Ik begon met een half jaar lang één keer per week korfbaltraining. Daarna probeerde ik weer wedstrijden te spelen, maar na drie wedstrijden moest ik weer stoppen. Na een aantal maanden heb ik het weer geprobeerd en ook toen is het me niet gelukt. Nu heb ik 4 maanden getraind wanneer ik dat kon. Bewegen maakt mijn hoofd leeg, zelfs wanneer ik het niet op volle kracht doe. In de periode dat ik twee jaar gestopt ben met korfbal, ben ik ook nooit meer op het korfbalveld gekomen. Ik keek niet bij mijn eigen team en ik keek ook niet bij mijn zus. Als ik aan korfballen dacht, werd ik verdrietig. Ook verwijderde ik al mijn aan korfbal gerelateerde vrienden van Facebook. Ik wilde niet zien hoe leuk zij het hadden.

Spontane actie
Tijdens een spontane actie heb ik mij opgegeven als schoolkorfbalcoach. Ik kreeg voor één ochtend een groepje kinderen die ik moest begeleiden tijdens een toernooi. Vanaf toen wist ik het: ik word trainer. De afgelopen twee jaar heb ik kinderen mogen trainen en coachen. Ik wil kinderen de kans geven om plezier te hebben in bewegen en ze veel dingen te leren. Het is gezellig om met iemand samen coach te zijn. Ik heb contact met de club en ik heb het weer ontzettend naar mijn zin! Het is leuk om de kinderen te zien groeien in het spel. Dit jaar zijn ze zelfs kampioen geworden! Ik ben trots op ze. Misschien maken zij ooit mijn droom waar en mogen zij in het eerste spelen.

Acht jaar geleden begon ik met paardrijden: de enige sport die ik echt leuk vond en waar ik ook echt iets mee kon. Nog steeds, want ik vind paardrijden nog steeds superfijn. Het heeft me ook geholpen te vertrouwen op mijzelf en op mijn eigen kracht, iets wat ik altijd lastig heb gevonden. Het verbetert mijn evenwicht, het versterkt de kracht in mijn benen en het helpt me met het vinden van trucjes en maniertjes om ergens zo min mogelijk hulp bij nodig te hebben, en vooral dat laatste heeft me iets heel belangrijks doen inzien: mijn lichaam kan best wel wat hebben en het is zonde om dat er niet uit te halen.

Heel veel fysiotherapie
Ik heb een behoorlijk verleden van fysiotherapie: als kind had ik het om zo goed mogelijk te leren lopen, daarna had ik het om opníeuw te leren lopen nadat mijn botten superzwak waren geworden door mijn ziekte, ik kreeg het na elke botbreuk en daarna kreeg ik het vooral ter verbetering van mijn conditie. Los lopen kon ik, kleine afstandjes en met steun van iemand of van de muur, tot mijn tiende. Daarna ben ik steeds afhankelijk geweest van een rolstoel en een rollator: die laatste zorgde er steeds meer voor dat ik me in en om het huis goed kon behelpen. En dat vond ik eigenlijk altijd wel een beetje prima, maar zes keer een been breken zorgt er wel voor dat je het eng gaat vinden om überhaupt te lopen, laat staan om lós te lopen. Dus hield ik het gewoon lekker bij die rollator, want dat voelt veilig en vertrouwd en beschermd.

Gewoon proberen
Nu heb ik weer fysiotherapie. Niet omdat het slecht gaat met lopen: integendeel juist. Doordat het de laatste jaren goed gaat, ik met gemak mijn stukjes in huis loop en me daar prima onder voel, begon ik te denken dat er misschien wel meer in zat. Dat mijn benen misschien wel sterker zijn dan ik dacht. Dat ik misschien toch nog wel wat verder zou kunnen komen, wat stapjes zou kunnen zetten in de richting van los lopen. Ik heb wel altijd geroepen dat dat ‘m waarschijnlijk niet ging worden, maar… waarom zouden we het eigenlijk niet gewoon proberen? Waarom zou ik daar niet gewoon voor kiezen – alles wat lukt is immers meegenomen.

Niet meer zo zwak en broos
Het gaat langzaam en het is zwaar, vooral op het gebied van zelfvertrouwen: vaak vind ik het doodeng om ermee bezig te zijn, maar ik doe het wel. Ik doe het toch, omdat ik stukje bij beetje leer om meer vertrouwen te hebben in mijn eigen kracht – die groter is dan ik had gedacht. Om vertrouwen te hebben in mijn lijf, dat echt niet meer zo zwak en broos is als jaren geleden. Om mezelf over die brug te slepen en gewoon te kijken hoe ver we kunnen komen – want misschien is dat wel heel ver en misschien ook niet, maar dan hebben we het in elk geval geprobeerd en hoef ik mezelf niet te kwellen met de wat als…-vragen.