geen ballerina, maar bewegen doe ik! – Stichting Hoezo Anders

0

Een ballerina ben ik niet geworden. Toch heb ik vanaf groep vier van de basisschool tot aan de universiteit gedanst. Ik begon, in het roze, met klassiek ballet. Ik was het varkentje in balletpakje op de poster in de klas volgens klasgenootjes, die zelf bijna allemaal op scouting zaten. Aan het einde van de basisschool ging ik naar jazzballet en op de middelbare school werd het moderne dans. Tijdens de lessen liep ik tegen het probleem aan dat ik niet echt aansluiting vond bij de groep. Ook improviseren was niet aan mij besteed, maar de juf nadoen deed ik graag.

Bang voor blunders
Ik heb vroeger ook een tijdje getennist, maar ik was niet competitief. Dat, samen met faalangst, zorgde voor vele verliezen. Bij de gymlessen op school was het al duidelijk geworden dat ik niet in de wieg gelegd was voor sociale- en balsporten. Bij tennis had ik nog een racket ter bescherming, maar bij gym moest ik het doen mijn slechte coördinatie. Ik snapte alle regels niet en was bang om weer een blunder te maken (zoals een basketbal op mijn neus krijgen of weer een vangbal maken met het honkbalplankje). Ik bleef altijd mijn best doen omdat ik een goed punt wilde, maar ik kreeg een hekel aan sport.

Yoga en zumba
Wat heerlijk is het om als volwassene zelf te mogen kiezen wat je doet! Ik doe nu één keer per week yoga. Dat is een massage voor mijn rug en schouders, waar veel spanning zit. Ook word ik me bewust van mijn lijf; iets wat er in het dagelijks leven vaak bij in schiet. Yoga gaat verder dan bewegen, want het gaat ook over luisteren naar jezelf en acceptatie van wat er is. Verder doe ik om de week zumba. Bij zumba beweeg je snel en de muziek staat hard, dus is er minder ruimte in mijn hoofd om te piekeren. Het fijne is dat ik niet sociaal hoef te doen. ‘Hoi’ en ‘doei’ zeggen, is genoeg.

Voor zowel yoga als zumba heb ik een strippenkaart. Dat vind ik prettiger omdat een abonnement geen houvast geeft. Ik probeer daarnaast om af en toe met iemand te gaan wandelen. Het fijne daarvan is dat je contact hebt, maar niet ongemakkelijk face-to-face zit. Van wandelen raakt mijn lichaam op de een of andere manier wel uitgeput. Als ik een klein uurtje of meer loop, moet ik achteraf een dutje doen.

Elke dag een half uur
Buiten sporten om, beweeg ik iedere dag minimaal een half uur, want anders voel ik me ongezond. Het voordeel van geen auto hebben, is dat ik boodschappen en andere dingen buiten de deur op de fiets of te voet moet doen. Zo pak ik ook zoveel mogelijk de trap en niet de lift. Naast dat bewegen voor iedereen gezond is, is het voor mij extra belangrijk, omdat ik naast ASS een stemmingsstoornis heb en een prikkelbare darm. Bewegen doe ik dus, al is het niet als prima ballerina.